Monitor Sociale Veiligheid in de mbo-sector 2014/2015

Home » Portfolio » Monitor Sociale Veiligheid in de mbo-sector 2014/2015
Monitor Sociale Veiligheid in de mbo-sector 2014/20152018-07-26T09:33:26+00:00

Project Description

Monitor Sociale Veiligheid in de mbo-sector 2014/2015

Deel 2: Personeel

Auteur(s): Joris Brekelmans & Jan Neuvel
Publicatiedatum: mei 2016

De Monitor Sociale Veiligheid is een representatief landelijk onderzoek naar de sociale veiligheid in de sector middelbaar beroepsonderwijs (mbo) bij studenten en medewerkers.

Het onderzoek wordt sinds 2001/2002 uitgevoerd door ecbo, in nauwe samenwerking met de MBO Raad, in het bijzonder het Platform Veiligheid in het middelbaar beroepsonderwijs. In 2001/2002 is de eerste meting – de nulmeting – uitgevoerd met vervolgmetingen om de twee à drie jaar: 2004, 2006 en 2008, 2011 en 2014/2015.

De monitor bestaat uit drie delen:

  • deel 1 Studenten;
  • deel 2 Personeel;
  • deel 3 Beleid.

Dit rapport beschrijft de uitkomsten van de monitor 2014/2015 voor het personeel

Sociale veiligheid

Sociale veiligheid is vanuit twee invalshoeken onderzocht: de objectieve en subjectieve veiligheid. Objectieve veiligheid verwijst naar ongewenst gedrag en subjectieve veiligheid naar het veiligheidsgevoel.

Materieel geweld

Het aantal medewerkers dat te maken krijgt met diefstal daalt naar 3,1%. Het aantal dat te maken krijgt met vernieling stijgt met 0,2%-punt naar 2,5%. Voor het grootste deel van de slachtoffers, 67%, blijft het beperkt tot één keer. Tegelijkertijd wordt 7% wel vaker getroffen.

Psychisch-fysiek geweld

Van het onderwijzend personeel heeft 7,4% te maken met psychisch-fysiek geweld, van het ondersteunend personeel ziet 6% zich hiermee geconfronteerd. Het gaat dan om pesten en soms ook om seksuele intimidatie, Ook zien we dat, ten opzichte van de vorige meting, het percentage ondersteunend personeel dat hier last van heeft, iets is gestegen.
Medewerkers die veel contact met studenten hebben, zijn een risicogroep. Dat zijn per definitie docenten, maar ook andere medewerkers zoals conciërges en baliemedewerkers. Zij zijn vaker slachtoffer van verschillende vormen van psychisch-fysiek geweld. Daarnaast lopen lesbische, homoseksuele, biseksuele en transseksuele (LHBT-)medewerkers een groter risico. Ook onderwijzend personeel in de vier grote steden krijgt vaker dan gemiddeld te maken met agressie. Ten slotte krijgen jonge vrouwelijke medewerkers meer dan gemiddeld te maken met seksuele intimidatie. Studenten zijn de grootste risicofactor voor medewerkers, maar ook collega’s worden vrij vaak door slachtoffers als agressor aangewezen.

Het veiligheidsgevoel

93,7% van de medewerkers voelt zich (zeer) veilig in de lesruimten, en 94,9% in de eigen werkruimtes. Ruim 90% voelt zich (zeer) veilig in de school, 88,6% op het terrein van de school en 88,3% in de omgeving van de school. Gemiddeld 0,98% van de medewerkers voelt zich zeer onveilig in en om de school. Het percentage medewerkers dat zich onveilig voelt in de directe omgeving van de school, komt bij medewerkers op locaties in de G4 ruim twee keer zo hoog uit als bij medewerkers op locaties buiten de G4. Dat beeld komt overeen met dat in voorgaande metingen.

LHBT-medewerkers

In deze meting zijn voor het eerst een aantal aanvullende vragen over LHBT-medewerkers en -studenten gesteld. Veel heteroseksuele medewerkers zien geen bezwaren als LHBT-collega’s op school voor hun geaardheid uitkomen. Een minderheid – 1 op de 7 medewerkers – voorziet echter problemen bij studenten als de geaardheid bekend wordt.
De meeste LHBT-medewerkers zijn naar collega’s open over hun geaardheid, in ieder geval naar een deel van de eigen teamleden. Eveneens een meerderheid van hen is daar open over naar eigen leidinggevenden en collega’s buiten het eigen team.
LHBT-medewerkers worden vaker slachtoffer van psychisch-fysiek geweld dan heteroseksuele medewerkers. Dat verschil komt vooral tot uiting bij discriminatie, pesten en lichamelijk geweld en mogelijk bij verbaal geweld.
Monitor Sociale Veiligheid in de mbo-sector 2014/2015
Download publicatie

Onderzoeker(s)

Drs. Karel Kans
Drs. Karel Kans Senior onderzoeker
06-12234777

Gerelateerde publicaties

Gerelateerd nieuws

2002, 2019

Eindrapportage Monitoringscommissie Branchecode goed bestuur in het mbo

By |20 februari 2019|Categories: Mbo-organisatie|Tags: , , |Reacties uitgeschakeld voor Eindrapportage Monitoringscommissie Branchecode goed bestuur in het mbo

Eindrapportage Monitoringscommissie Branchecode goed bestuur in het mbo

Er ligt een solide basis voor goed bestuur in het mbo. Dat concludeert de Monitoringscommissie Branchecode goed bestuur in de eindrapportage. In opdracht van de commissie onderzocht het Expertisecentrum Beroepsonderwijs (ecbo) de naleving en werking van de code goed bestuur.

1902, 2019

Save the Date: MBO BurgerschapLab festival 27 maart

By |19 februari 2019|Categories: Mbo-organisatie|Tags: , |Reacties uitgeschakeld voor Save the Date: MBO BurgerschapLab festival 27 maart

Save the Date: MBO BurgerschapLab festival 27 maart

Start morgen al met beter burgerschapsonderwijs: kom naar het MBO BurgerschapLab festival voor de feestelijke presentatie van de 15 plannen voor beter burgerschapsonderwijs, en ontdek welke het best past bij jouw mbo-school!

1802, 2019

Mbo-docent: een vak apart

By |18 februari 2019|Categories: Docent in het beroepsonderwijs, Mbo-organisatie|Tags: , , , |Reacties uitgeschakeld voor Mbo-docent: een vak apart

Mbo-docent: een vak apart

Op 7 november 2018 presenteerde de Onderwijsraad haar advies ‘Ruim baan voor leraren’, als antwoord op de zorg van het kabinet over het dreigende lerarentekort en om de kwaliteit van de lerarenopleiding te verbeteren. Het advies biedt, ondanks een sterke po/vo toon, veel  kansen, ruimte voor professionalisering en loopbaanontwikkeling van leraren; ook richting beroepsonderwijs. Het is aan de sector  beroepsonderwijs zelf om daarin samen met initiële lerarenopleidingen de handschoen op te pakken.

Gerelateerd events

Heeft u een vraag aan ons?