Extra Hulp voor de Klas. Monitor aanvraagproces. Deel 1

Auteurs:

Suna Duysak, Kees van Bergen (Regioplan), Johan Coenen, Karel Kans, Maartje Stroo (ECBO)

Publicatiedatum:


Thema's:

Leraren / docenten / opleiders, Onderwijsorganisatie

APA-referentie:

Duysak, S., Van Bergen, K., Coenen J., Kans, K., & Stroo, M. (2021). Extra Hulp voor de Klas. Monitor aanvraagproces. Eindrapport deel 1. Amsterdam/’s-Hertogenbosch: Regioplan/ECBO.

Korte samenvatting:

De impact van COVID-19 op het onderwijs is groot en langdurig. In het po, vo en het mbo kampt men met een aanzienlijke werkdruk in combinatie met een toenemende vraag om leerkrachten en docenten te vervangen. Het kabinet nam gericht op alle sectoren maatregelen om scholen te ondersteunen in de organisatie die nodig is om het onderwijs te continueren in tijden van de coronacrisis. In eerste instantie is er € 210 miljoen vrijgemaakt om scholen via de subsidieregeling ‘Extra hulp voor de Klas’ (EHK) tegemoet te komen in het aantrekken en inzetten van meer en aanvullend (tijdelijk) personeel. Met de regeling hoopt het kabinet bij te dragen aan het verantwoord openhouden van onderwijsinstellingen ten behoeve van de cognitieve en sociale ontwikkeling van leerlingen en studenten en om (nieuwe) achterstanden zoveel mogelijk te voorkomen.

Twee publicaties

In opdracht van het Ministerie van OCW onderzoeken Regioplan en ECBO in hoeverre de subsidieregeling heeft bijgedragen aan het doel om scholen de benodigde extra hulp en ondersteuning te geven die noodzakelijk is voor het continueren van het onderwijs tijdens de coronacrisis zodat onderwijsachterstanden zoveel mogelijk worden voorkomen en teruggedrongen. De rapportage is afgerond en bestaat uit twee publicaties:

  • Deel 1 (deze publicatie) is een tussenrapportage en gaat in op hoe de aanvraag tot stand is gekomen en op welke manier de verbinding in-en extern is georganiseerd.
  • Deel 2 is een eindrapportage en gaat in op hoe de middelen zijn besteed en wat daarvan het resultaat is. Download deel 2 hier. 

Resultaten rondom de aanvraag

Over het algemeen zijn de betrokken schoolbesturen en penvoerders over het algemeen positief over het aanvraagproces. Met daarbij een aantal leerpunten. Zoals de relatief korte tijd die beschikbaar was voor de aanvraag en de ongunstige aanvraagperiode (rond een schoolvakantie). Ook het sneller bekend maken van de toekenning zou een volgende keer kunnen helpen bij het ook sneller kunnen organiseren en inzetten van de extra hulp. Het belangrijkste leerpunt is om een volgende keer goed te overwegen of de regeling gekoppeld moet worden aan regio’s. Onderzoekers maken uit het onderzoek op dat er in het po en vo nu een groot deel van de beschikbare tijd is gaan zitten in het organiseren van regionale samenwerking om de subsidiegelden binnen te krijgen en te kunnen verdelen. Het goed doordenken van inzetmogelijkheden en van gezamenlijke oplossingen, toch het doel van samenwerking, lijkt daardoor minder van de grond te zijn gekomen. In het verdere evaluatie-onderzoek (deel 2) moet onderzocht worden in welke mate regiovorming echt heeft geleid tot een gezamenlijke aanpak.

Download de onderzoekspublicatie