Een stukje van de Nederlandse droom

Doorstroom van vmbo naar havo. derzoek van ECBO.

Auteurs:

Wil van Esch & Jan Neuvel

Publicatiedatum:


Thema:

Instroom-doorstroom-uitstroom

APA-referentie:

Van Esch, W., & Neuvel, J. (2009). Een stukje van de Nederlandse droom: doorstroom van vmbo naar havo. ’s-Hertogenbosch/Amsterdam: ECBO.

Korte samenvatting:

Het aantal scholieren dat na het vmbo doorleert op de havo, blijft groeien. Vooral allochtonen proberen via deze route alsnog een havo-diploma te halen, blijkt uit onderzoek van ECBO. Steeds meer leerlingen uit de theoretische leerweg kiezen voor het havo: de afgelopen jaren steeg het percentage van 15% naar 21%. Voor laatbloeiers en leerlingen van allochtone afkomst is het een tweede kans om versneld door te stromen naar het hbo. Ongeveer driekwart van de vmbo’ers haalt het havo en bijna tweederde gaat naar het hbo. Dat resultaat blijft achter bij dat van leerlingen uit havo 3, maar dat laat zich deels verklaren door het beleid in veel havo?s om vmbo’ers niet toe te staan havo 4 opnieuw te doen. Wordt het havo-diploma gehaald, dan is er geen verschil in de doorstroom naar het hbo. Veel havo?s stellen aanvullende eisen, zoals een gemiddeld eindcijfer of een positief advies van de mentor. Daarmee geven ze een signaal af dat de overstap niet gemakkelijk is. Wie verwacht dat havo?s de vmbo’ers dan ook extra begeleiden, heeft het mis: systematische steun komt nog weinig voor. Dat draagt eveneens er aan bij dat een deel van de vmbo’ers het havo niet haalt. Voor relatief veel tl?ers is de havo-route dus aantrekkelijk. Of er ruimte is voor verdere groei, of dat moet worden aangemoedigd, of dat het mbo de voorkeur krijgt, hangt mede af van mogelijkheden voor extra hulp aan potentiële havisten en een adequate beroepskeuzebegeleiding in het vmbo.

Download de onderzoekspublicatie

Voor meer informatie neem contact op