De rekentoetsen voor leerlingen met ernstige rekenproblemen (ER)

Auteurs:

Joost Meijer, Marieke Buisman, Ingrid Christoffels, Annemarie Groot, Vincent Jonker, Steven Kuijper & Monica Wijers

Publicatiedatum:


Thema:

Basisvaardigheden

APA-referentie:

Meijer, J., Buisman, M., Christoffels, I., Groot, A., Jonker, V., Kuijper, S., & Wijers, M. (2018). De rekentoetsen voor leerlingen met ernstige rekenproblemen (ER). Amsterdam: Kohnstamm Instituut

Korte samenvatting:

Het einddoel van het rekenonderwijs is om leerlingen op te leiden zodat ze adequaat kunnen omgaan met rekenkundige informatie in het (vervolg)onderwijs en in het dagelijks leven. Met de invoering van de Wet referentieniveaus Nederlandse taal en rekenen is in 2010 voor alle onderwijssectoren vastgelegd wat leerlingen minimaal moeten beheersen op het gebied van taal en rekenen. Deze eisen staan beschreven in het Referentiekader, waarin drie niveaus worden onderscheiden: 1F, 2F en 3F (Expertgroep Doorlopende Leerlijnen Taal en Rekenen, 2008). De rekenvaardigheden zoals beschreven in het referentiekader worden centraal getoetst in het voortgezet onderwijs (vanaf schooljaar 2014-2015) en middelbaar onderwijs (vanaf schooljaar 2016-2017) door middel van de rekentoets.

Sommige leerlingen hebben echter structurele, ernstige problemen met rekenen zoals dyscalculie. Voor deze leerlingen met ernstige rekenproblemen (ER) is een aparte rekentoets ontwikkeld: de ER-toets. Deze is niet gemakkelijker dan de reguliere rekentoets en de inhoud van de rekentoets biedt voldoende basis om door te stromen naar vervolgonderwijs. Wel houdt de ER-toets rekening met de specifieke beperking bij rekenen van leerlingen. Het gaat dus om een toets die niet het struikelblok wordt voor leerlingen met een ER indicatie die op een opleiding zitten die goed bij hun mogelijkheden past, maar die wél de vereiste vaardigheden voor het vervolg toetst en die past binnen de geldende referentieniveaus.

Download de onderzoekspublicatie

Voor meer informatie neem contact op