Help mijn docent is een digibeet!

Home » Help mijn docent is een digibeet!
Help mijn docent is een digibeet!2017-02-18T15:47:47+02:00

Help mijn docent is een digibeet!

Gastcolumn 21ste-eeuwse vaardigheden: Amber Walraven

Op 28 december 2015 kondigde het LAKS een meldpunt aan voor leerlingen wiens docenten niet met ict om kunnen gaan: “HELP! Mijn docent is digibeet”. Ik had in die tijd net voor de zesde keer het verdiepingsthema ‘ict in het onderwijs’ afgesloten en me voorgenomen om terug te blikken op die zesde ronde, en dat te koppelen aan een reactie op het meldpunt.

Lerarenopleidingen zijn namelijk (een deel van) het probleem waar al die leerlingen zo’n last van hebben. Het LAKS zelf zegt over het meldpunt: “Zo krijgt het LAKS een beeld van de grootste ict-ergernissen, zodat wij docenten kunnen meegeven welke basis ict-vaardigheden zij minimaal zouden moeten beheersen. Dit wil het LAKS overhandigen aan lerarenopleidingen en organisaties die nascholing verzorgen, zodat zij docenten goed kunnen opleiden in het omgaan met ict”. Het formulier van het LAKS heeft het over verzamelen van “ervaringen over lessen die verkeerd gaan omdat de docent niet om kan gaan met ict” en vraagt voor de achtergrond gegevens naar naam en email (niet verplicht) het niveau waarop leerling les krijgt (vmbo, havo, vwo) en in welke klas hij/zij zit. Daarna volgt het inhoudelijke deel. In de vorm van 2 vragen: “Wat doet jouw docent verkeerd?” en “In welk vak geeft je docent les?”

Serieus LAKS? Dat is het? Je vraagt “Wat doet jouw docent verkeerd?” en de resultaten daarvan wil je aan mij, als docentenopleider, met ict in portefeuille, gaan aanbieden? Jullie weten als toch zoveel meer van ict dan docenten? Waarom benaderen jullie ict in het onderwijs dan op deze manier? Als jullie echt serieus zijn over ict in het onderwijs, moet je toch op zijn minst ook weten dat ‘knopjes kunnen vinden’ echt iets heel anders is dan didactisch gebruik van ict. (Zie jullie eigen intro bij het meldpunt: “Iedereen kent ze wel; docenten die het verschil tussen Google en de zoekbalk niet kennen, 15 minuten bezig zijn met het openen van een Youtube-filmpje, of docenten die de ict’er van school moeten roepen omdat ze het geluidsknopje niet kunnen vinden. Sterker nog, vaak weten scholieren beter dan de docent hoe de ict werkt.”
Laat me jullie een beetje opvoeden, en laat me zeggen dat met de vraag “wat doet jouw docent verkeerd” je het ict-in-het-onderwijs-vraagstuk niet gaat oplossen.
De studenten die mijn verdiepingsthema volg(d)en, onderwijs ik expliciet NIET in knoppenkennis. Want dat is niet de kern van ict in het onderwijs. Als het echt de spuigaten uitloopt, dan kunnen niet-knopvaardige docenten inderdaad hulp vragen. Aan jullie (wees blij dat ze dat doen, vragen stellen is geen zwakte, of mogen jullie ook geen vragen stellen aan je docent? Een meldpunt “HELP! Mijn leerling is te dom voor (vul een vak in)” zul je nooit zien), of inderdaad de technische dienst. Wisten jullie trouwens dat veel van de technische problemen op scholen buiten de invloed van docenten ligt? Een niet-werkend digibord, of trage wifi, of geluidsboxen die het niet doen: de docent wordt het mee geconfronteerd, hij is niet de schuldige. Hoezo laten jullie de docent trouwens 15 minuten rommelen met een Youtube-filmpje, je kunt ook hulp aanbieden?

Wat ik mijn studenten leer (in plaats van knoppenkennis) is nadenken over het hoe en waarom van ict in het onderwijs. Vanuit de optiek van de leerling en wat ze willen bereiken bij die leerlingen en met hun onderwijs. Ik wil dat ze de docent worden die ze willen zijn, en dat ze weten welke rol ict daarin kan spelen. Dat houdt in dat ik ze lessen leer ontwerpen waarin ze bewust keuzes maken voor inhoud, didactiek en medium. Dat ik ze leer om hun ict inzet te beschouwen in termen van substitution, augmentation, modification en redefinition. Dat ik ze wijs op externe én interne condities en barrières met betrekking tot ict in het onderwijs. En ik daag ze uit hun interne barrières te overkomen. Ik wijs ze op onderzoek op dit gebied. Maar vooral leer ik ze om te durven experimenteren. Ik daag ze uit om ict in te zetten en te kijken wat werkt, niet werkt, past of niet past. En voor de een is dat dan een eerste stap met Kahoot of Socrative, en voor de ander is dat een totale week van flipping the classroom inclusief digitaal toetsen. En, lief LAKS, omdat ze bewust het experiment aangaan, zullen ze zich vooraf ook echt wel verdiepen in ‘hoe werkt het’ en komen jullie ergernissen veel minder voor (overigens, ik zeg maar niks over de resultaten uit onderzoek met betrekking tot ict-vaardigheden van leerlingen he).

Wat heb je liever: docenten die foutloos een YouTubefilmpje aanzetten, zonder kennis over hoe je zo’n filmpje effectief kan benutten (zo blijkt uit onderzoek dat voorbereiden op een toets mbv video effectiever is dan mbv boek, maar wel nadat er een gewone les gegeven is) of docenten die hun onderwijs blijvend onder de loep nemen, effectieve keuzes maken, regelmatig experimenteren en laten zien dat fouten maken mag?

Ik zie studenten vervolgens experimenteren met 3d apps van het menselijk lichaam en zich dan vooral richten op: wat kan ik een leerling hiermee laten doen, welke vragen en opdrachten kan ik bieden zodat deze app leerzaam wordt? Of ik zie ze gebruik maken van Prowise Presenter en daarmee leerlingen opdrachten sturen naar hun device, en vervolgens de resultaten (bijvoorbeeld de getekende grafieken van twee leerlingen) centraal bespreken met de klas. Of ik zie hoe ze een opdracht die op school al jaren gegeven wordt, maar waar niemand echt blij mee is ‘updaten’ en met behulp van kleine wijzigingen en minimale ict-inzet veel beter maken.

Reacties van studenten die mijn verdiepingsthema volgden eind vorig jaar:
“Veel te korte reeks!”
“Dank voor de colleges, het wil wat zeggen dat ik er in deze laatste energievretende weken van de opleiding vooral energie van kreeg.”
Dus, vervang ‘wat doet jouw docent verkeerd?’ eens door de volgende vragen:
Wat is de visie op onderwijs van je docent?
Van welke content, pedagogical en technological knowledge heeft je docent gebruik gemaakt bij het ontwerpen van deze les?
Is er sprake van substitution, augmentation, modification of redefinition bij de inzet van ict in deze les?
Welke externe condities en barrières beïnvloedden de ict inzet van je docent?
Welke interne condities en barrières beïnvloedden de ict inzet van je docent?
Kijk, met antwoorden op die vragen kan ik als lerarenopleider iets.

Kijk hier voor meer blogs van Amber Walraven.

Contact

Dr. Pieter Baay
Dr. Pieter BaayOnderzoeker
06-54675627

Gerelateerd nieuws

410, 2018

Practoraat Brede Vorming gelanceerd in co-creatie met ecbo

Door |4 oktober 2018|Categorie(ën): Docent in het beroepsonderwijs, Kennisverspreiding, Kernvaardigheden|Tags: , |Reacties uitgeschakeld voor Practoraat Brede Vorming gelanceerd in co-creatie met ecbo

Practoraat Brede Vorming gelanceerd in co-creatie met ecbo

Op 3 oktober is het practoraat Brede Vorming gestart bij ROC Friese Poort. Koen Vos is als practor geïnstalleerd en gaat de komende vier jaar verder aan de slag met brede vorming in het mbo. Ter voorbereiding op het practoraat schreven ROC Friese Poort en ecbo de publicatie ‘brede vorming: waarom nu?’. In de komende vier jaar zal ecbo het practoraat ondersteunen op onderzoeksmatig vlak, waarbij onder andere gewerkt wordt aan een leergang voor onderwijsprofessionals en een keuzedeel rondom community service learning.

307, 2018

Nieuw! Klas21 – Doe mee!

Door |3 juli 2018|Categorie(ën): Kennisverspreiding, Kernvaardigheden|Tags: , , |Reacties uitgeschakeld voor Nieuw! Klas21 – Doe mee!

Samen met studenten kennis verspreiden

Op 4 oktober 2018 start ecbo met Klas21, een fictieve klas met 21 mbo-studenten. Met Klas21 willen we studenten nog meer betrekken bij (de ontwikkeling van het instrument van) KOMPAS21 en hen inzetten als kennisverspreiders.

2106, 2018

21ste-eeuwse vaardigheden in mbo en hbo

Door |21 juni 2018|Categorie(ën): Kernvaardigheden|Tags: |Reacties uitgeschakeld voor 21ste-eeuwse vaardigheden in mbo en hbo

Docentprofessionalisering centraal

Wat staat het mbo en hbo te doen rond 21ste-eeuwse vaardigheden? Op 5 juni kwamen professionals uit mbo en hbo bij elkaar om te spreken over een onderzoeksagenda voor het hbo en een professionaliseringsagenda voor het mbo. Ook de inrichting van de schoolcontext inclusief curriculumontwikkeling en gevolgen voor het management- en bestuursniveau kwamen uitgebreid aan bod.

Gerelateerde bijeenkomsten

Gerelateerde projecten en publicaties

2019-01-09T20:44:43+02:00

De rekentoetsen voor leerlingen met ernstige rekenproblemen (ER)

De rekentoetsen voor leerlingen met ernstige rekenproblemen (ER)

Het einddoel van het rekenonderwijs is om leerlingen op te leiden zodat ze adequaat kunnen omgaan met rekenkundige informatie in het (vervolg)onderwijs en in het dagelijks leven. Met de invoering van de Wet referentieniveaus Nederlandse taal en rekenen is in 2010 voor alle onderwijssectoren vastgelegd wat leerlingen minimaal moeten beheersen op het gebied van taal en rekenen.

2017-11-22T15:30:50+02:00

Slowscan ROC Friese Poort

21ste-eeuwse vaardigheden in het curriculum van ROC Friese Poort Zorg en Welzijn

De aandacht voor 21ste-eeuwse vaardigheden is de laatste jaren gegroeid. Vaardigheden als kritisch denken, samenwerken en ondernemendheid zijn helemaal niet nieuw, maar wel anders dan 50 jaar geleden. Deze vaardigheden worden belangrijker dankzij een veranderende arbeidsmarkt en samenleving.

2017-12-10T12:16:18+02:00

De waarde(n) van brede vorming

Het mbo introduceert op geheel eigen wijze de maatschappelijke dienstplicht uit het regeerakkoord. ROC Friese Poort experimenteert met Community Service Learning en onderzocht met expertisecentrum beroepsonderwijs (ecbo) de toepassing van brede vorming (Bildung) in het mbo. Hun onderwijs laat studenten een maatschappelijke dienst leveren en stimuleert zo de brede vorming van studenten. Daarbij reflecteren studenten vanuit een Bildungsdenken op wat ze doen, wie ze zijn en hoe ze in de wereld staan.

Stel uw vraag