Preventie door interventie

Home / Portfolio / Preventie door interventie

Project Description

Deel deze publicatie Share on LinkedInTweet about this on TwitterShare on FacebookEmail this to someone

Preventie door interventie

Literatuurstudie naar lees- en schrijfachterstanden bij kinderen en jongeren

Auteur(s): Ingrid Christoffels, Annemarie Groot, Christine Clement & Jo Fond Lam
Publicatiedatum: februari 2017

2,5 miljoen mensen in Nederland hebben grote moeite met lezen, schrijven en/of rekenen. Een aantal dat nog steeds toeneemt. Naast de groep van laaggeletterde volwassenen bestaat er onder kinderen en jongeren een groep die ten opzichte van leeftijdsgenoten achterloopt in lees- en schrijfvaardigheden. Zij lopen risico om op te groeien tot laaggeletterde volwassene, wanneer deze achterstand niet ingehaald wordt. Het is belangrijk om dit te voorkomen. Deze (inter)nationale literatuurstudie, in opdracht van Stichting Lezen en Schrijven, geeft aanknopingspunten voor de preventie van deze laaggeletterden van de toekomst.

Taalachterstanden bij kinderen en jongeren

Gangbare definities voor laaggeletterdheid kunnen niet worden toegepast op kinderen en jongeren onder de 16 jaar. Zij zijn nog in ontwikkeling en hoeven nog niet op het gewenste eindniveau te presteren. Het rapport beschrijft de analyse van resultaten van centrale eindtoetsen en examinering alsook de resultaten van bestaand (internationaal) lees- en schrijfonderzoek (PIRLS, PPON, PISA, PIAAC). De onderzoekers maken op basis daarvan een ruwe schatting over taalachterstand bij kinderen en jongeren: tenminste 1 op de 10 kinderen heeft een taalachterstand en loopt daarmee het risico om als laaggeletterde volwassene de maatschappij en de arbeidsmarkt te betreden. Het gaat hierbij om 1 op de 10 groep 8-leerlingen, gemiddeld 1 op de 7 vmbo-leerlingen, ruim 1 op de 3 mbo-2 leerlingen en 1 op de 7 mbo 3-leerlingen, die bij het verlaten van het specifieke onderwijsniveau het vereiste taalniveau onvoldoende beheersen.

Factoren van belang bij taalachterstanden

Het onderzoek laat verschillende factoren zien die te maken hebben met taalachterstand bij kinderen en jongeren. De relevante factoren zijn belangrijk om op te nemen in preventieve interventies. Uit het rapport blijkt dat preventie zich moet concentreren op factoren als mondelinge en schriftelijke taalkennis van het kind, leesattitude van het kind, kwaliteit van het onderwijs en ouderbetrokkenheid. Zo zorgt bijvoorbeeld een negatieve leesattitude ervoor dat kinderen en jongeren weinig lezen, waardoor zij niet alleen niet vooruitgaan in het lezen, maar het leesniveau zelfs achteruit kan gaan.

Interventies gericht op verminderen of voorkomen van taalachterstand

Op het gebied van leesattitude zijn relatief veel interventies beschikbaar. Dit is relevant omdat Nederlandse jongeren daarin een relatief negatieve houding hebben. Veel minder interventies zijn te vinden op het gebied van auditieve en executieve functies. Dit kan komen doordat deze factoren mogelijk lastiger te trainen zijn of dat transfer van training naar leesvaardigheid lastig is. Ook op het gebied van schrijven zijn er weinig interventies, terwijl dat gezien het niveau van schrijfvaardigheid onder Nederlandse kinderen en jongeren wel heel belangrijk is. Vooral bij kinderen en jongeren met laaggeletterde ouders zou een gezinsgericht programma gericht op het schrijven effectief kunnen zijn. Het is opvallend dat interventies gericht op 12- tot 18-jarigen erg schaars zijn. Met name omdat er gedurende de schooltijd zich tal van mogelijkheden voordoen om taalachterstanden te signaleren en aan te pakken. Bovendien is deze leeftijdsgroep de laatste periode om te voorkomen dat achterstand tijdens de schoolgaande leeftijd overgaat in laaggeletterdheid in de volwassen leeftijd.

 Aandachtspunten

Om de groei van het aantal laaggeletterden een halt toe te roepen, is naast het bestrijden van laaggeletterdheid onder volwassenen, de inzet op preventie bij kinderen en jongeren cruciaal. Het is daarom aan te bevelen om al in een vroeg stadium, bij kinderen en jongeren, in te zetten op vermindering van laaggeletterdheid. Daarbij pleiten de onderzoekers voor een brede aanpak van preventieve interventies. Zowel via het kind, via de school als via de ouders wordt dan gewerkt aan het verminderen van taalachterstand. Hierbij zou dan bovendien meer aandacht moeten zijn voor interventies gericht op schrijfvaardigheid.

Lees hier het onderzoeksrapport of bekijk de onderzoeksoplegger voor een kort en bondig overzicht.

Preventie door interventie
Download publicatie
Aanvragen publicatie

Onderzoeker(s)

Dr. Ingrid Christoffels
Dr. Ingrid ChristoffelsOnderzoeker
06-10250630
Annemarie Groot, MA
Annemarie Groot, MAOnderzoeker
06-12127678

Gerelateerde publicaties

De waarde(n) van brede vorming

Het mbo introduceert op geheel eigen wijze de maatschappelijke dienstplicht uit het regeerakkoord. ROC Friese Poort experimenteert met Community Service Learning en onderzocht met expertisecentrum beroepsonderwijs (ecbo) de toepassing van brede vorming (Bildung) in het mbo. Hun onderwijs laat studenten een maatschappelijke dienst leveren en stimuleert zo de brede vorming van studenten. Daarbij reflecteren studenten vanuit een Bildungsdenken op wat ze doen, wie ze zijn en hoe ze in de wereld staan.

Preventie door interventie

Literatuurstudie naar lees-en schrijfachterstanden bij kinderen en jongeren

2,5 miljoen mensen in Nederland hebben grote moeite met lezen, schrijven en/of rekenen. Een aantal dat nog steeds toeneemt. Naast de groep van laaggeletterde volwassenen bestaat er onder kinderen en jongeren een groep die ten opzichte van leeftijdsgenoten achterloopt in lees- en schrijfvaardigheden. Zij lopen risico om op te groeien tot laaggeletterde volwassene, wanneer deze achterstand niet ingehaald wordt. Het is belangrijk om dit te voorkomen. Deze (inter)nationale literatuurstudie, in opdracht van Stichting Lezen en Schrijven, geeft aanknopingspunten voor de preventie van deze laaggeletterden van de toekomst.

Gerelateerd nieuws

1610, 2017

De waarde(n) van brede vorming

16 oktober 2017|Categorieën: Kernvaardigheden|Tags: , , |Reacties uitgeschakeld voor De waarde(n) van brede vorming

Het mbo introduceert op geheel eigen wijze de maatschappelijke dienstplicht uit het regeerakkoord. ROC Friese Poort experimenteert met Community Service Learning en onderzocht met Expertisecentrum Beroepsonderwijs (ecbo) de toepassing van brede vorming (Bildung) in het mbo. Hun onderwijs laat studenten een maatschappelijke dienst leveren en stimuleert daarmee de brede vorming van studenten.

609, 2017

Week van de alfabetisering

6 september 2017|Categorieën: Kernvaardigheden|Tags: |Reacties uitgeschakeld voor Week van de alfabetisering

week van de alfabetisering

De Week van de Alfabetisering is dit jaar van 4 tot en met 10 september. Laaggeletterdheid krijgt deze week aandacht. Dat laaggeletterdheid een probleem is waarvoor aandacht nodig is, blijkt ook uit het rapport Preventie door interventie, dat begin dit jaar is verschenen (Christoffels, Groot, Clement en Lam, 2017).

2808, 2017

Ecbo presenteert op de ECER-conferentie in Copenhagen

28 augustus 2017|Categorieën: Kernvaardigheden|Reacties uitgeschakeld voor Ecbo presenteert op de ECER-conferentie in Copenhagen

De betekenis van docentonderzoek voor de onderwijspraktijk

Samen met onderzoekers van ICLON Universiteit Leiden (projectleider) en HAN-expertisecentrum kwaliteit van leren presenteerde ecbo op de ECER 2017 conferentie de voorlopige resultaten van het onderzoek ‘Van masterstudent naar masterdocent: De betekenis van docentonderzoek voor de onderwijspraktijk’. In dit onderzoek, dat wordt gefinancierd door Nationaal Regieorgaan Onderwijsonderzoek, staat de betekenis van docentonderzoek voor de onderwijspraktijk centraal.

Gerelateerd events

Heeft u een vraag aan ons?

 
 
Deel deze publicatie Share on LinkedInTweet about this on TwitterShare on FacebookEmail this to someone