Neuromythen in het mbo

Home / Portfolio / Neuromythen in het mbo

Project Description

Deel deze publicatie Share on LinkedInTweet about this on TwitterShare on FacebookEmail this to someone

Neuromythen in het mbo

Een vragenlijstonderzoek naar acht veel voorkomende neuromythen

Auteur(s): Mathilde van Gerwen (VU), Ingrid Christoffels (ecbo), Sanne Dekker (RUN) en Jelle Jolles (VU),
Publicatiedatum: maart 2017

Professionals die werkzaam zijn in het onderwijs komen meer en meer in aanraking met informatie over het functioneren van de hersenen. Uit internationaal onderzoek blijkt dat er vaak sprake is van zogenoemde ‘neuromythen’: uitspraken over gedrag of functioneren die gebaseerd zijn op onjuiste generalisaties uit wetenschappelijk onderzoek. Eerder onderzoek liet zien dat dergelijke neuromythen veel voorkomen bij leerkrachten in het basisonderwijs en bij docenten op havo en vwo. Zijn neuromythen ook binnen het mbo wijdverbreid?

Onderzoek

Om de breinkennis in het mbo te testen is een vragenlijstonderzoek uitgevoerd bij bijna 500 roc-medewerkers verspreid over Nederland. Onderwerp was kennis en inzichten over hersenen en hersenfunctie die relevant kunnen zijn voor het onderwijs aan en het schools presteren van mbo-studenten. Deelnemers kregen een lijst van 30 stellingen voorgelegd, met de vraag die op waarheid te beoordelen. Negen van de 30 stellingen waren te beschouwen als een neuromythe. De deelnemers aan het onderzoek wisten niet dat het onderzoek betrekking had op hun kennis over neuromythen.

Resultaten

De resultaten laten zien dat het geloof in de neuromythen wijdverspreid is: 76% van de neuromythen werd door de deelnemers ten onrechte voor waar aangenomen. Dat gebeurde het vaakst bij neuromythen over ‘het belang van leerstijlen’, over ‘de linker- versus de rechterhemisfeer’ en over ‘de ontwikkeling van prefrontale schors bij tieners’. De gewone stellingen over de hersenen werden relatief goed beantwoord: 70 tot 80% correct.

Praktische betekenis

Dat mbo-professionals 5 van de 8 neuromythen – onjuiste generalisaties uit de wetenschap – voor waar aannemen heeft praktische betekenis. Het geloof in dergelijke neuromythen kan negatieve gevolgen hebben voor het professioneel handelen in de onderwijspraktijk. Daarom is een goede bijscholing voor docenten belangrijk. Met informatie over hersenen en gedrag die relevant is voor het onderwijs aan mbo-studenten.

Neuromythen in het mbo
Download publicatie
Aanvragen publicatie

Onderzoeker(s)

Dr. Ingrid Christoffels
Dr. Ingrid ChristoffelsOnderzoeker
06-10250630

Gerelateerde publicaties

De waarde(n) van brede vorming

Het mbo introduceert op geheel eigen wijze de maatschappelijke dienstplicht uit het regeerakkoord. ROC Friese Poort experimenteert met Community Service Learning en onderzocht met expertisecentrum beroepsonderwijs (ecbo) de toepassing van brede vorming (Bildung) in het mbo. Hun onderwijs laat studenten een maatschappelijke dienst leveren en stimuleert zo de brede vorming van studenten. Daarbij reflecteren studenten vanuit een Bildungsdenken op wat ze doen, wie ze zijn en hoe ze in de wereld staan.

De toekomst van vakmanschap

Specialistisch opgeleide mbo-vakmensen hebben de beste baankansen en aantrekkelijk werk. Dat is tegen de verwachting in: vaak wordt gedacht dat smal opgeleiden het moeilijker krijgen op de arbeidsmarkt naarmate ze ouder worden, omdat hun vaardigheden sneller verouderen. Deze nieuwe bevinding blijkt uit onderzoek in opdracht van NRO, uitgevoerd door een consortium bestaande uit ROA, AMCIS, Kohnstamm Instituut en ecbo. In het onderzoek is in kaart gebracht aan welk type vakmanschap van middelbaar opgeleiden behoefte is op de arbeidsmarkt en wat dit betekent voor de inrichting van het mbo.

Gerelateerd nieuws

711, 2017

Op welke manier evalueert u voortgang in de mbo-klas?

7 november 2017|Categorieën: Kernvaardigheden|Tags: , , , |Reacties uitgeschakeld voor Op welke manier evalueert u voortgang in de mbo-klas?

Doe mee met het onderzoek!

Om doelgericht aan rekenen en Nederlands te kunnen werken is een inschatting van het niveau van de student nodig. Hoe doet u dit? Wat vindt u belangrijk?

511, 2017

Leergang Teacher in the Lead – doe mee!

5 november 2017|Categorieën: Docent in het beroepsonderwijs, Kennisverspreiding|Tags: , , |Reacties uitgeschakeld voor Leergang Teacher in the Lead – doe mee!

Aankondiging Leergang Teacher in the lead

Aan overlegtafels is professionaliteit van de opleider in het mbo al een veel besproken onderwerp. Hoe zorgen we ervoor dat het dat ook wordt binnen de beroepsgroep zelf? Zogeheten ambassadeurs BVMBO en ‘teachers in the lead’ spelen hierin een belangrijke rol. Deze koplopers onder de opleiders in het middelbaar beroepsonderwijs dragen bij aan een sterke beroepsgroep. Zij zijn trots op hun vak en dragen dit ook uit. Zij nemen het voortouw als het gaat om de professionele ontwikkeling van het beroep, en gaan hierover de dialoog aan: met elkaar, met collega-opleiders en met het bestuur van hun mbo-instellingen. Ze zijn – samen met de BVMBO – steeds vaker gesprekspartners aan overlegtafels op landelijk niveau: onder andere bij het ministerie of bij brancheorganisaties. Het is belangrijk dat ambassadeurs BVMBO en teachers in the lead goed op de hoogte zijn van de ontwikkelingen in de (beleids)context van het beroepsonderwijs. Een context die steeds verandert.

Gerelateerd events

Heeft u een vraag aan ons?

 
 
Deel deze publicatie Share on LinkedInTweet about this on TwitterShare on FacebookEmail this to someone