Monitor Sociale Veiligheid in de mbo-sector 2014/2015

Home / Portfolio / Monitor Sociale Veiligheid in de mbo-sector 2014/2015

Project Description

Deel deze publicatie Share on LinkedInTweet about this on TwitterShare on FacebookEmail this to someone

Monitor Sociale Veiligheid in de mbo-sector 2014/2015

Deel 2: Personeel

Auteur(s): Joris Brekelmans & Jan Neuvel
Publicatiedatum: mei 2016

De Monitor Sociale Veiligheid is een representatief landelijk onderzoek naar de sociale veiligheid in de sector middelbaar beroepsonderwijs (mbo) bij studenten en medewerkers.

Het onderzoek wordt sinds 2001/2002 uitgevoerd door ecbo, in nauwe samenwerking met de MBO Raad, in het bijzonder het Platform Veiligheid in het middelbaar beroepsonderwijs. In 2001/2002 is de eerste meting – de nulmeting – uitgevoerd met vervolgmetingen om de twee à drie jaar: 2004, 2006 en 2008, 2011 en 2014/2015.

De monitor bestaat uit drie delen:

  • deel 1 Studenten;
  • deel 2 Personeel;
  • deel 3 Beleid.

Dit rapport beschrijft de uitkomsten van de monitor 2014/2015 voor het personeel

Sociale veiligheid

Sociale veiligheid is vanuit twee invalshoeken onderzocht: de objectieve en subjectieve veiligheid. Objectieve veiligheid verwijst naar ongewenst gedrag en subjectieve veiligheid naar het veiligheidsgevoel.

Materieel geweld

Het aantal medewerkers dat te maken krijgt met diefstal daalt naar 3,1%. Het aantal dat te maken krijgt met vernieling stijgt met 0,2%-punt naar 2,5%. Voor het grootste deel van de slachtoffers, 67%, blijft het beperkt tot één keer. Tegelijkertijd wordt 7% wel vaker getroffen.

Psychisch-fysiek geweld

Van het onderwijzend personeel heeft 7,4% te maken met psychisch-fysiek geweld, van het ondersteunend personeel ziet 6% zich hiermee geconfronteerd. Het gaat dan om pesten en soms ook om seksuele intimidatie, Ook zien we dat, ten opzichte van de vorige meting, het percentage ondersteunend personeel dat hier last van heeft, iets is gestegen.
Medewerkers die veel contact met studenten hebben, zijn een risicogroep. Dat zijn per definitie docenten, maar ook andere medewerkers zoals conciërges en baliemedewerkers. Zij zijn vaker slachtoffer van verschillende vormen van psychisch-fysiek geweld. Daarnaast lopen lesbische, homoseksuele, biseksuele en transseksuele (LHBT-)medewerkers een groter risico. Ook onderwijzend personeel in de vier grote steden krijgt vaker dan gemiddeld te maken met agressie. Ten slotte krijgen jonge vrouwelijke medewerkers meer dan gemiddeld te maken met seksuele intimidatie. Studenten zijn de grootste risicofactor voor medewerkers, maar ook collega’s worden vrij vaak door slachtoffers als agressor aangewezen.

Het veiligheidsgevoel

93,7% van de medewerkers voelt zich (zeer) veilig in de lesruimten, en 94,9% in de eigen werkruimtes. Ruim 90% voelt zich (zeer) veilig in de school, 88,6% op het terrein van de school en 88,3% in de omgeving van de school. Gemiddeld 0,98% van de medewerkers voelt zich zeer onveilig in en om de school. Het percentage medewerkers dat zich onveilig voelt in de directe omgeving van de school, komt bij medewerkers op locaties in de G4 ruim twee keer zo hoog uit als bij medewerkers op locaties buiten de G4. Dat beeld komt overeen met dat in voorgaande metingen.

LHBT-medewerkers

In deze meting zijn voor het eerst een aantal aanvullende vragen over LHBT-medewerkers en -studenten gesteld. Veel heteroseksuele medewerkers zien geen bezwaren als LHBT-collega’s op school voor hun geaardheid uitkomen. Een minderheid – 1 op de 7 medewerkers – voorziet echter problemen bij studenten als de geaardheid bekend wordt.
De meeste LHBT-medewerkers zijn naar collega’s open over hun geaardheid, in ieder geval naar een deel van de eigen teamleden. Eveneens een meerderheid van hen is daar open over naar eigen leidinggevenden en collega’s buiten het eigen team.
LHBT-medewerkers worden vaker slachtoffer van psychisch-fysiek geweld dan heteroseksuele medewerkers. Dat verschil komt vooral tot uiting bij discriminatie, pesten en lichamelijk geweld en mogelijk bij verbaal geweld.
Monitor Sociale Veiligheid in de mbo-sector 2014/2015
Download publicatie
Aanvragen publicatie

Onderzoeker(s)

Drs. Joris Brekelmans
Drs. Joris BrekelmansOnderzoeker
06-23581017
Jan Neuvel
Jan NeuvelSenior onderzoeker
073 6872500

Gerelateerde publicaties

Gerelateerd nieuws

2104, 2017

Flits! april 2017 verschenen

21 april 2017|Categorieën: Kennisverspreiding|Tags: , |Reacties uitgeschakeld voor Flits! april 2017 verschenen

Nieuwsflits over kennisverspreidingsactiviteiten voor het mbo

Flits! bericht over onze bijeenkomsten, donderdagmiddaglezingen, debatten, webinars, updates van de Canon beroepsonderwijs, nieuwe uitgaven van het magazine Dimensies en al onze andere activiteiten voor het mbo. Bovendien brengen we in de Flits! ook interessante bijeenkomsten onder de aandacht die worden georganiseerd door andere partijen met kennis over het beroepsonderwijs. Flits! is een maandelijkse digitale nieuwsbrief. De Flits! van april (2017) is verschenen.

2004, 2017

Leergang Teacher in the Lead – doe mee!

20 april 2017|Categorieën: Docent in het beroepsonderwijs, Kennisverspreiding|Tags: , , |Reacties uitgeschakeld voor Leergang Teacher in the Lead – doe mee!

Aankondiging Leergang Teacher in the lead

Aan overlegtafels is professionaliteit van de opleider in het mbo al een veel besproken onderwerp. Hoe zorgen we ervoor dat het dat ook wordt binnen de beroepsgroep zelf? Zogeheten ambassadeurs BVMBO en ‘teachers in the lead’ spelen hierin een belangrijke rol. Deze koplopers onder de opleiders in het middelbaar beroepsonderwijs dragen bij aan een sterke beroepsgroep. Zij zijn trots op hun vak en dragen dit ook uit. Zij nemen het voortouw als het gaat om de professionele ontwikkeling van het beroep, en gaan hierover de dialoog aan: met elkaar, met collega-opleiders en met het bestuur van hun mbo-instellingen. Ze zijn – samen met de BVMBO – steeds vaker gesprekspartners aan overlegtafels op landelijk niveau: onder andere bij het ministerie of bij brancheorganisaties. Het is belangrijk dat ambassadeurs BVMBO en teachers in the lead goed op de hoogte zijn van de ontwikkelingen in de (beleids)context van het beroepsonderwijs. Een context die steeds verandert.

1804, 2017

Pre-promotietraject voor mbo-docenten met promotieambities in volle gang

18 april 2017|Categorieën: Docent in het beroepsonderwijs|Tags: , |Reacties uitgeschakeld voor Pre-promotietraject voor mbo-docenten met promotieambities in volle gang

Het ministerie van OCW stimuleert promotieonderzoek door docenten. Hiermee wordt een onderzoekscultuur in scholen bevorderd en tegelijkertijd wordt er zo gewerkt aan een kwaliteitsverbetering van het onderwijs. In het mbo bevindt deze onderzoekscultuur zich nog in een beginstadium. Daarom is de weg naar een promotie voor de docent vaak geen gebaand pad. Mbo-docenten hebben vragen als: Hoe kom je van een idee tot een promotievoorstel? Of, wat houdt een promotietraject eigenlijk precies in? En: is het wel een realistische keuze?

Gerelateerd events

Heeft u een vraag aan ons?

 
 
Deel deze publicatie Share on LinkedInTweet about this on TwitterShare on FacebookEmail this to someone