Hoe groen is het gras bij de buren? De gebruiks- en leerwaarde van de Benchmark mbo

Home / Portfolio / Hoe groen is het gras bij de buren? De gebruiks- en leerwaarde van de Benchmark mbo

Project Description

Deel deze publicatie Share on LinkedInTweet about this on TwitterShare on FacebookEmail this to someone

Hoe groen is het gras bij de buren? De gebruiks- en leerwaarde van de Benchmark mbo

Spiegelen aan collega-organisaties, van elkaar leren en jezelf verbeteren

Auteur(s): Wil van Esch, Ria Groenenberg, Régina Petit en Louise van de Venne
Publicatiedatum: oktober 2012

Sinds de eerste rapportage in 2006 is de Benchmark mbo uitgegroeid tot een gewaardeerd instrument. Mbo-instellingen spiegelen zich ermee aan collega-organisaties en kunnen zo van elkaar leren en zichzelf verbeteren. Toch is leren van de Benchmark mbo niet altijd even vanzelfsprekend, zo concludeert ecbo in Hoe groen is het gras bij de buren? De gebruiks- en leerwaarde van de Benchmark mbo.

Het Kenniscentrum Beroepsonderwijs Arbeidsmarkt (KBA) en PricewaterhouseCoopers (PwC) voeren sinds 2006 periodiek een benchmark uit in het middelbaar beroepsonderwijs. In de Benchmark mbo wordt duidelijk hoe instellingen hun budget besteden, hoeveel deelnemers het mbo gediplomeerd verlaten en wat de deelnemers vinden van het onderwijs . Maar hoe gaan instellingen om met de informatie uit de Benchmark mbo? Ecbo-onderzoekers Wil van Esch, Ria Groenenberg, Régina Petit en Louise van de Venne stellen dat de grote onderlinge verscheidenheid (grootte, curriculum, populatie etc.) het systematisch vergelijken van mbo-instellingen behoorlijk complex maakt.

Referentiepunt

De manier waarop instellingen gebruik maken van de prestatie-informatie uit de Benchmark mbo loopt uiteen. Sommigen analyseren de gegevens, doen nader onderzoek als resultaten onder de maat zijn en benutten de benchmark om systematisch en op alle niveaus te leren en te verbeteren. Anderen nemen de informatie ter kennisgeving aan en doen er verder weinig mee. Aan de Benchmark mbo doen vrijwel alle Nederlandse mbo-instellingen mee. Ondanks enkele verbeterpunten zijn respondenten overwegend positief. Zij zien de benchmark als een referentiepunt om het eigen ambitieniveau op af te stemmen.

Transparanter

Ook voor de buitenwereld is de mbo-sector door de benchmark transparanter geworden. Dat de buitenwereld ‘meekijkt’ ervaren instellingen soms als spannend, zeker bij een tegenvallende score. Dit kan een spanningsveld opleveren tussen enerzijds het stellen van eigen doelen en normen en anderzijds het proberen te voldoen aan verwachtingen van anderen. Het onderstreept het belang van een verbinding tussen de benchmark en eigen doelstellingen van de instelling.

Hoe groen is het gras bij de buren? De gebruiks- en leerwaarde van de Benchmark mbo
Download publicatie
Aanvragen publicatie

Onderzoeker(s)

Dr. Wil van Esch
Dr. Wil van EschSenior onderzoeker
073 6872500

Gerelateerde publicaties

De achtergrond van verschillen tussen studenten op mbo-niveau 3 en 4

Vier casestudies in de opleiding Maatschappelijke Zorg

Het uitgangspunt van dit onderzoek was een vraag uit de praktijk. Wat zijn de specifieke kenmerken voor niveau 3 mbo-studenten met betrekking tot curriculum ontwerp? Kunnen we rekening houden met specifieke kenmerken die niveau 3 studenten hebben ten opzichte van de andere niveaus bij het ontwerpen, indelen en organiseren van het curriculum? Deze vraag is gesteld door een mbo-professional aan het online loket: de Kennisrotonde. Bestaande literatuur bleek ontoereikend. In dit onderzoek werden daarom casestudies uitgevoerd om achtergrondinformatie te verzamelen over de specifieke kenmerken van niveau 3 mbo-studenten.

Evaluatie pilots educatieve minor beroepsonderwijs

Stuurgroep-, ontwikkelaars- en deelnemersperspectief

Eind 2011 is er bij twee mbo-instellingen een start gemaakt met de projecten ‘Meesterschap in Techniek’ respectievelijk ‘Technische Teams van de Toekomst’, met subsidie vanuit het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW). In beide projecten vindt, naast activiteiten gericht op het stimuleren van het technisch beroepsonderwijs, de ontwikkeling van een educatieve minor beroepsonderwijs plaats. De looptijd van beide projecten is van 2011-2014.

Monitor Vakmanschap- en technologieroutes

,

Tweede meting

Dit rapport schetst een beeld van experimenten met doorlopende leerlijnen in het vmbo en mbo die sinds het schooljaar 2014-2015 zijn gestart. Het gaat om doorlopende leerlijnen vanaf leerjaar 3 van het vmbo op niveau 2 en 3 in alle sectoren (vakmanschaproutes), op niveau 4 in de technieksector (technologieroute) en op niveau 4 in de overige sectoren (beroepsroutes). Gedurende de periode 2014-2022 hebben samenwerkingsverbanden van vmbo- en mbo-scholen experimenteerruimte om deze geïntegreerde leerlijnen vorm te geven.

Gerelateerd nieuws

2007, 2017

Medezeggenschap: kan het beter?

20 juli 2017|Categorieën: Docent in het beroepsonderwijs, Mbo-organisatie|Tags: |Reacties uitgeschakeld voor Medezeggenschap: kan het beter?

Kwalitatief diepteonderzoek van Kenniscentrum Publieke Zaak

Hoewel de formele medezeggenschap voldoende is ingevuld, kan de dialoog met personeel, ouders en leerlingen beter. Dit is de conclusie van de monitoringscommissie Goed bestuur van de VO-raad op basis van een onderzoek dat zij het afgelopen jaar liet uitvoeren.

1205, 2017

Ecbo en partners voeren driejarig NRO-onderzoek uit over professionele organisaties in het mbo

12 mei 2017|Categorieën: Mbo-organisatie|Tags: , , , |Reacties uitgeschakeld voor Ecbo en partners voeren driejarig NRO-onderzoek uit over professionele organisaties in het mbo

Onderzoeksvoorstel over professionele organisaties in het mbo is gehonoreerd

In dit 3-jarige NRO-onderzoek gaan we - via een ontwerpgericht benadering - op zoek naar de kenmerken van een betekenisvolle, betrouwbare en valide audit op basis van een dialoogmodel en brengen we de opbrengsten ervan in kaart op het vlak van organisatie- en onderwijsontwikkeling.

704, 2017

Monitor Vakmanschap- en technologieroutes

7 april 2017|Categorieën: Instroom-doorstroom-uitstroom, Mbo-organisatie|Tags: , , , |Reacties uitgeschakeld voor Monitor Vakmanschap- en technologieroutes

Tweede meting

Dit rapport schetst een beeld van experimenten met doorlopende leerlijnen in het vmbo en mbo die sinds het schooljaar 2014-2015 zijn gestart. Het gaat om doorlopende leerlijnen vanaf leerjaar 3 van het vmbo op niveau 2 en 3 in alle sectoren (vakmanschaproutes), op niveau 4 in de technieksector (technologieroute) en op niveau 4 in de overige sectoren (beroepsroutes). Gedurende de periode 2014-2022 hebben samenwerkingsverbanden van vmbo- en mbo-scholen experimenteerruimte om deze geïntegreerde leerlijnen vorm te geven.

Gerelateerde bijeenkomsten

Heeft u een vraag aan ons?

 
 
Deel deze publicatie Share on LinkedInTweet about this on TwitterShare on FacebookEmail this to someone