Mbo-studenten die uitvallen op het hbo: wie zijn ze en waar vallen zij uit?

Home / Portfolio / Mbo-studenten die uitvallen op het hbo: wie zijn ze en waar vallen zij uit?

Project Description

Deel deze publicatie Share on LinkedInTweet about this on TwitterShare on FacebookEmail this to someone

Mbo-studenten die uitvallen op het hbo: wie zijn ze en waar vallen zij uit?

Analyse van studentenstromen over periode 2005-2015

Er wordt veel gediscussieerd over het hoe en waarom van de hoge uitvalpercentages onder mbo-studenten op het hbo. Hoewel men het er over eens is dat de uitval van mbo’ers op het hbo (te) hoog is, is er nog veel onbekend over wie nu precies de mbo 4-studenten zijn die het hbo instromen, wie van hen uitvallen en bij welke hogescholen en studies dat gebeurt.

Dit rapport beschrijft de analyse van de carrières van studenten die in de periode 2005 t/m 2015 zijn ingestroomd in het hbo. Het geeft daarmee een feitelijk overzicht van de studenten die een hbo-bachelor volgen, waar ze die volgen en welke keuzes zij maken gedurende het eerste jaar op het hbo. Blijven ze bijvoorbeeld dezelfde studie volgen, switchen ze van studie en/of instelling of stoppen ze in het geheel met het volgen van onderwijs.

Hoofdconclusies

Dit rapport biedt uitvoerige informatie over mbo-4 studenten op het hbo. Zowel qua instroom als qua uitval, switch en doorstuderen. Uit deze informatie zijn de volgende negen hoofdconclusies afgeleid.

  1. Dé mbo-student op het hbo bestaat niet. Focus op uitval van dé mbo student is te beperkte kijk op problematiek.
  2. Gemiddeld genomen heeft één op de drie studenten die een voltijds bachelor instroomt een mbo-4 diploma op zak. Deze verhouding komt terug binnen meeste hogescholen, sectoren en opleidingen.
  3. Mbo-4 studenten hebben voorkeur voor bepaalde, brede, hogescholen: 10 hogescholen trokken over de periode 2005-2015 samen 75% van de mbo 4-studenten.
  4. Het aandeel mbo 4-studenten dat na jaar één dezelfde studie blijft volgen is in de periode 2005-2015 afgenomen van zo’n 70% naar minder dan 60%. Het aandeel (tijdelijke) uitvallers én switchers is gestegen van 15% naar meer dan 20%.
  5. Het aandeel havisten dat uitvalt of switcht is over de periode 2005-2015 redelijk stabiel gebleven. Gemiddeld blijft zo’n 60% van de havisten dezelfde studie volgen, 10% valt uit, 30% switcht.
  6. Het percentage mbo-4 studenten dat uitvalt of switcht verschilt aanzienlijk tussen hogescholen en in hbo-sectoren. Opvallend: waar mbo 4-studenten vaak uitvallen of switchen, doen havisten dat ook.
  7. Overstap van mbo-domein naar hbo-sector: wie economie op mbo of hbo doet, heeft grote kans om uit te vallen dan wel te switchen.
  8. Persoonskenmerken van de studenten spelen eveneens een rol, net als kenmerken van de mbo-opleiding.
  9. Nader onderzoek is vereist om duidelijk te krijgen hoe de doorstroom mbo-hbo verbeterd kan worden.
Mbo-studenten die uitvallen op het hbo
Download publicatie
Aanvragen publicatie

Onderzoeker(s)

Dr. José Mulder
Dr. José MulderOnderzoeker
06-13562786
Joris Cuppen Msc
Joris Cuppen MscOnderzoeker
06-13218997

Gerelateerde publicaties

Werk hebben en werk houden in het mbo

,

Employability van onderwijsgevend personeel

Employability is het vermogen om werk te verkrijgen en/of te behouden. De employability van onderwijsgevenden in het mbo is iets lager dan gemiddeld in Nederland. Een hogere employability heeft een positief effect op de loopbaan. En employability wordt vooral bepaald door persoonsgebonden en in tweede instantie organisatiegebonden factoren, en minder door functiegebonden factoren.

Neuromythen in het mbo

Een vragenlijstonderzoek naar acht veel voorkomende neuromythen

Professionals die werkzaam zijn in het onderwijs komen meer en meer in aanraking met informatie over het functioneren van de hersenen. Uit internationaal onderzoek blijkt dat er vaak sprake is van zogenoemde ‘neuromythen’: uitspraken over gedrag of functioneren die gebaseerd zijn op onjuiste generalisaties uit wetenschappelijk onderzoek. Eerder onderzoek liet zien dat dergelijke neuromythen veel voorkomen bij leerkrachten in het basisonderwijs en bij docenten op havo en vwo. Zijn neuromythen ook binnen het mbo wijdverbreid?

Ervaren werkdruk in het mbo

Onderzoeksverslag
Er is recent veel aandacht voor werkdruk onder docenten; in onderzoek, beleid en in de media. Veelal gaat dit echter over het basisonderwijs en het voortgezet onderwijs en blijft het mbo onderbelicht. Dit terwijl docenten in het mbo een hoge werkdruk ervaren, zoals blijkt uit het onderzoek naar medewerkerstevredenheid van de sector.

Gerelateerd nieuws

1506, 2017

Laaggeletterden centraal

15 juni 2017|Categorieën: Kernvaardigheden|Tags: , , , , |Reacties uitgeschakeld voor Laaggeletterden centraal

Tweejarig onderzoek van Welten-instituut en ecbo

In Nederland hebben ruim 2,5 miljoen volwassenen moeite met taal en rekenen. Vanuit het actieprogramma Tel mee met Taal is een 2-jarig onderzoek gestart dat een bijdrage moet leveren aan het terugdringen van het aantal mensen met taal- en rekenvaardigheden onder basisniveau.

1506, 2017

Opleiden voor een dynamisch beroep: organiseren en professionaliseren voor responsiviteit

15 juni 2017|Categorieën: Aansluiting onderwijs-arbeidsmarkt|Tags: , , |Reacties uitgeschakeld voor Opleiden voor een dynamisch beroep: organiseren en professionaliseren voor responsiviteit

Onderzoeksvoorstel binnen thema dynamische arbeidsmarkt is gehonoreerd

In dit onderzoek wordt de ontwikkeling van een responsief protocol opgepakt door een consortium van Gelderse mbo-instellingen. De aansluiting tussen mbo-opleidingen en werkveld staat onder druk door snelle maatschappelijke en technologische ontwikkelingen. Docenten(-teams) moeten responsief zijn ten opzichte van die ontwikkelingen: actueel beroepsonderwijs vraagt samenwerking met het werkveld om de opleidingen adaptief in te richten.

Gerelateerd events

Heeft u een vraag aan ons?

 
 
Deel deze publicatie Share on LinkedInTweet about this on TwitterShare on FacebookEmail this to someone