Deel deze publicatie Share on LinkedInTweet about this on TwitterShare on FacebookEmail this to someone

Het onderzoeksvoorstel van ecbo en partners over professionele organisaties in het mbo is gehonoreerd door het Nationaal Regieorgaan Onderwijsonderzoek (NRO). In dit 3-jarige onderzoek gaan we – via een ontwerpgericht benadering – op zoek naar de kenmerken van een betekenisvolle, betrouwbare en valide audit op basis van een dialoogmodel en brengen we de opbrengsten ervan in kaart op het vlak van organisatie- en onderwijsontwikkeling.

 

Ecbo en partners voeren driejarig NRO-onderzoek uit over 21ste-eeuwse vaardigheden in het mbo

Mbo-instellingen zetten diverse instrumenten in om de kwaliteit van hun onderwijs te waarborgen, de audit is hiervan een prominent voorbeeld. Het is intussen bekend dat kwaliteitsverhoging meer wordt bereikt door een versterking van een lerende/kwaliteitscultuur dan alleen door structuurverbeteringen.

Audits die eenzijdig gericht zijn op hard controls (zoals stuur- en verantwoordingsinformatie) en soft controls negeren, kunnen een averechts effect sorteren, zoals een verminderde betrokkenheid van onderwijsteams. Een kwaliteitscultuur lijkt niet zozeer gestimuleerd te worden procedures en controles maar eerder door een auditsystematiek die gebaseerd is op dialoog, die spanningsvolle relaties binnen de instelling en onderwijsteams bloot legt en ertoe bijdraagt dat leiding, onderwijsteams en andere belanghebbenden hun blinde vlekken in beeld krijgen en van daaruit acties ondernemen tot de kwaliteitsverbetering.

In dit 3-jarige NRO-onderzoek gaan we – via een ontwerpgericht benadering – op zoek naar de kenmerken van een betekenisvolle, betrouwbare en valide audit op basis van een dialoogmodel en brengen we de opbrengsten ervan in kaart op het vlak van organisatie- en onderwijsontwikkeling.

Dit in de context van het Kwaliteitsnetwerk mbo. Het Kwaliteitsnetwerk mbo is een breed gedragen initiatief van het veld. Het netwerk voert instellingsaudits (collegiale reviews) uit met de ambitie bij te dragen aan verbetering van schoolorganisaties en onderwijs(kwaliteit). Dit jaar heeft het netwerk de overstap gemaakt van een “in-control” benadering naar een ontwikkelingsgerichte auditsystematiek die gebaseerd is op een dialoogmodel.

In het onderzoeksproject worden wetenschappelijke bevindingen en veelbelovende nieuwe technieken benut om samen met het netwerk en aangesloten scholen op systematische wijze het dialoogmodel verder vorm te geven en de mogelijke effecten bij toepassing op de kwaliteit van de cultuur, de organisatie en onderwijs te doorgronden.

José Hermanussen en Rob Martens van ecbo voeren het onderzoek uit in samenwerking met de Open Universiteit, de Vrije Universiteit en het Kwaliteitsnetwerk mbo

Contact over dit onderwerp

Drs. José Hermanussen
Drs. José HermanussenSenior onderzoeker
06-10970839
Rob Martens
Rob MartensProf. Rob Martens
06-11013210

Gerelateerde publicaties

De achtergrond van verschillen tussen studenten op mbo-niveau 3 en 4

Vier casestudies in de opleiding Maatschappelijke Zorg

Het uitgangspunt van dit onderzoek was een vraag uit de praktijk. Wat zijn de specifieke kenmerken voor niveau 3 mbo-studenten met betrekking tot curriculum ontwerp? Kunnen we rekening houden met specifieke kenmerken die niveau 3 studenten hebben ten opzichte van de andere niveaus bij het ontwerpen, indelen en organiseren van het curriculum? Deze vraag is gesteld door een mbo-professional aan het online loket: de Kennisrotonde. Bestaande literatuur bleek ontoereikend. In dit onderzoek werden daarom casestudies uitgevoerd om achtergrondinformatie te verzamelen over de specifieke kenmerken van niveau 3 mbo-studenten.

Evaluatie pilots educatieve minor beroepsonderwijs

Stuurgroep-, ontwikkelaars- en deelnemersperspectief

Eind 2011 is er bij twee mbo-instellingen een start gemaakt met de projecten ‘Meesterschap in Techniek’ respectievelijk ‘Technische Teams van de Toekomst’, met subsidie vanuit het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW). In beide projecten vindt, naast activiteiten gericht op het stimuleren van het technisch beroepsonderwijs, de ontwikkeling van een educatieve minor beroepsonderwijs plaats. De looptijd van beide projecten is van 2011-2014.

Het PDG-traject herzien

,

Een analyse van de uitwerking van de beleidsmaatregel 'pedagogisch-didactisch getuigschrift'

Veel onderwijsgevenden in het mbo komen uit de beroepspraktijk. Hun praktijkkennis en –vaardigheden zijn belangrijk voor het verzorgen van goed beroepsonderwijs. De kwaliteit van deze zij-instromers staat hoog op de beleidsagenda van OCW.

Deel deze publicatie Share on LinkedInTweet about this on TwitterShare on FacebookEmail this to someone